Salarisprofs

Handreiking DBA laat gevolgen afschaffing VAR genadeloos zien

Han Bakker 8-6-2016 13:58
Categorieën: Loon- en premieheffing

De vakantietijd komt er weer aan. Gezellig, ondanks (of is het dankzij?) dat ‘we’ niet meedoen met het EK-voetbal. Lange dagen, lekker buiten, gezellig met vrienden en familie in de tuin, gezeten aan een grote tafel, genietend van een mooi stukje vlees en een goed glas wijn. Oftewel: welkom in de wereld van Jan des Bouvrie! (Waar is die trouwens gebleven?)

Tja, het klinkt allemaal fantastisch mooi, maar zo zit de wereld niet in elkaar. In elk geval niet voor iedereen. Zeker niet voor werkgevend Nederland. Want die moet aan de slag met de effecten van het verdwijnen van de VAR. Per 1 mei is die afgeschaft en is het zonnige, onbezorgde VAR-met-vrijwaring-vooraf-leventje voorbij. Er moet weer gewerkt worden! Het harde DBA-zonder-vrijwaring-vooraf-leven heeft zijn intrede gedaan.

Dus stuur die vrienden en familie maar naar huis, zet de tafel maar weer binnen en laat vooral de wijn voor wat die is, want er is werk aan de winkel deze zomer: de effecten van de wet DBA moeten bestudeerd worden en voorwaar voorwaar: dat is geen sikkeneur. Zoals ik al meldde in mijn vorige blog ‘Hoe zit het nu écht met de DBA’ (mei 2016): die VAR kwam er destijds niet voor niets!

Handreiking DBA
Maar gelukkig beseft de overheid dat ook en kijk eens aan: er is een Handreiking beoordelingskader overeenkomsten arbeidsrelaties verschenen. Is dat even fijn! Feitelijk is dat de verkorte cursus loon- en premieheffing waar ik het in mijn vorige blog over had. En deze is nog gratis ook!

Dus laten we eens kijken hoe de Handreiking ons de hand reikt. Hoe de Handreiking duidelijkheid verschaft over de impact van de verandering van de wet DBA op het beoordelingskader zoals dat gold gedurende het VAR-tijdperk. Kortom: wat heeft de komst van de DBA nu precies veranderd aan wet- en regelgeving?

Loonheffing en loonheffingen
De eerste alinea van de Handreiking maakt al veel duidelijk: “De Wet DBA brengt geen wijziging in de beoordeling of een arbeidsrelatie voor de loonheffingen een ‘echte’ dienstbetrekking of een zogenoemde fictieve dienstbetrekking is (…). “

Dat is mooi! Tenminste, als het waar zou zijn. Wat niet het geval is. Nou ja, niet helemaal. Want voor de beoordeling van arbeidsrelaties voor de loonheffing (enkelvoud) maakt de komst van de DBA inderdaad niets uit, maar voor de loonheffingen (meervoud) is dat wel degelijk het geval.

Voor degenen bij wie het verschil even is weggezakt: loonheffing is de heffing van loonbelasting en premies volksverzekeringen en loonheffingen omvat naast de loonheffing ook de heffing van de inkomensafhankelijke bijdrage Zvw en van de premies ingevolge de werknemersverzekeringen. En de wet DBA heeft wel degelijk gevolgen voor die laatste heffing: die van premies werknemersverzekeringen.

De wet DBA schrapt in de materiewetten WW, ZW en WAO namelijk de bepaling dat geen dienstbetrekking aanwezig is bij arbeidsverhoudingen waarbij de werkgever geen inhoudingsplichtige voor de loonbelasting is, omdat hij over een VAR beschikt van de opdrachtnemer.

Oftewel: de kring van verzekerden voor de werknemersverzekeringen en daarmee de kring van personen voor wie premies werknemersverzekeringen verschuldigd zijn, wordt vanaf 1 mei 2016 niet langer beperkt door de aanwezigheid van een VAR. Kortom: de wet DBA brengt wel degelijk wijziging in de beoordeling of een arbeidsrelatie voor de loonheffingen een ‘echte’ dienstbetrekking of een zogenoemde fictieve dienstbetrekking is (…).

Muggenzifterij?
Nu zou je kunnen zeggen dat ik me schuldig maak aan muggenzifterij. Want voor de zuivere beoordeling of een arbeidsverhouding een dienstbetrekking is, kijk je immers primair naar de ‘opbouwende’ bepalingen voor de echte en fictieve dienstbetrekkingen en die zijn door de DBA niet gewijzigd. Maar dan zeg ik: wacht even, een arbeidsverhouding is pas een dienstbetrekking in de zin van een onderhavige wet, als alle toepasselijke bepalingen van die wet zijn toegepast, dus ook de eventueel aanwezige ‘beperkende’ bepaling(en).

Voor de werknemersverzekeringen betekende de beperkende bepaling van artikel 6, eerste lid, onderdeel e, ZW/WW/WAO het verschil tussen dag en nacht, tussen wel en niet verzekerd zijn, tussen wel en niet premies verschuldigd zijn. Die bepaling is vervallen met de komst van de wet DBA en dan kun je naar mijn mening niet simpelweg stellen dat de wet DBA geen verandering meebrengt voor de beoordeling van arbeidsverhoudingen. Het is feitelijk het ontkennen dat er zoiets bestaat als werknemersverzekeringen met een eigen kring van verzekerden.

Twijfels
Betekent bovenstaande dat de Handreiking waardeloos is en direct bij het oud papier kan? Allesbehalve!

De Handreiking is een echte handreiking aan ondernemend Nederland. Het toont namelijk feilloos aan hoe ontzettend moeilijk het is om (juist) te beoordelen of een arbeidsverhouding moet worden beschouwd als een echte of een fictieve dienstbetrekking in het kader van de loonheffingen. Vooral de wel of niet aanwezigheid van een gezagscomponent in de arbeidsverhouding blijft een uitermate lastig punt. En als je dan ook nog weet dat de uiteindelijke beoordeling altijd afhangt van de feiten en omstandigheden van het individuele geval, nou, maak dan je borst maar nat!

Maar goed, wat moet je nu doen als ondernemer? Tip 1: haal de contacten met uw arbeidsjurist aan! Tip 2: laat uw medewerker(s) een cursus volgen en zorg ervoor dat u voldoende beslagen ten ijs komt als de controleur van de belastingdienst straks de zaken anders ziet dan u. Want nu er bij de belastingdienst een ware ‘braindrain’ dreigt met het vertrek van zo’n 8.000 oudere en dus waarschijnlijk wat meer ervaren ambtenaren, is de kans groot dat uw controleur het ook nog niet allemaal precies weet en dan maar teruggrijpt op het aloude uitgangspunt: Bij twijfel, inhouden!

Twijfel. Het nieuwe centrale thema voor werkgevend Nederland. Geen zekerheid vooraf meer. En dat allemaal ‘dankzij’ een kabinet dat zelf geen twijfels kent over de noodzaak van het verdwijnen van de VAR. Of zou het inmiddels ‘kende’ zijn? Want ook het kabinet moet het inmiddels toch wel duidelijk zijn in wat voor schier onoplosbare staat van verwarring werkgevend Nederland is gebracht.

Reparatiewetgeving dus? Het zou zo maar kunnen, want dit kabinet is al vaker teruggekomen van eerdere dwaalstappen. Maar of dat ook dit keer het geval zal zijn?

Ik heb mijn twijfels.

Han Bakker – MBZ Consultancy

blog_image:profsg_146538805957580c1bec1e7.jpg:end_blog_image

Voor meer blogs van Han Bakker, klik hier

Reacties (7)

Rene Musters 14-6-2016 20:54

Ik ken het onderzoek van Actal niet, maar wellicht is er ook een categorie die VRIJWEL ZEKER schijnzelfstandige is :-)

Overigens ben ik niet tegen ZZP-ers (ik ben zelf ook ondernemer). Natuurlijk moeten ze zelf weten of ze tijdelijk onder de kostprijs werken, maar dat is voor langere tijd geen gezonde situatie. Maar als ZZP-ers zich gedragen als WERKNEMER (en soms zelfs doorbetaald worden door opdrachtgever tijdens ziekte), mag je toch wel concluderen dat er enige mate is van schijnzelfstandigheid.

Zoals eerder gemeld lijden de goeden onder de kwaden :-(

Han 13-6-2016 14:17
@ Ruud, bedankt voor je reactie. Zolang we in Nederland nog een stelsel hebben van verplichte werknemersverzekeringen maakt het uit of iemand werkzaam is als werknemer of als zelfstandige. Het verschil hangt niet af van de keus van de opdrachtgever of opdrachtnemer, maar van de wijze waarop de arbeidsverhouding in de praktijk vorm krijgt. Als dat lijkt op een echte of fictieve dienstbetrekking, dan wordt de opdrachtnemer aangemerkt als werknemer. De opdrachtnemer is dan verplicht verzekerd voor de werknemersverzekeringen en de opdrachtgever (als werkgever) moet daarvoor de (hoge) premies betalen. Daarnaast wordt de opdrachtgever inhoudingsplichtige (met alle bijbehorende administratieve verplichtingen) en moet hij ook de werkgeversheffing Zvw betalen. Hier kan dus een tegengesteld belang ontstaan, vandaar het verplichte karakter van dit systeem. Je kunt het betutteling noemen en misschien is het dat ook wel anno 2016, maar zolang we dit stelsel hebben, blijven we te maken hebben met dit onderscheid.
Ruud Korpel 13-6-2016 9:32
Kom op heren, ZZP. staat voor zelfstandige zonder personeel, deze ZZP-ers vinden zich allemaal ondernemer. Laat deze ondernemers nu gewoon zelf beslissen of zij onder de kostprijs willen werken. In de BV. vorm mag ik toch ook zaken aannemen onder de kostprijs, en als ik hier niet mee uit kom dan is er toch ook niemand die daar weer iets van moet vinden. Als je ondernemer wil spelen moet je ook de risico's dragen, als je dit niet wil dan moet je in loondienst gaan, deze risico’s moet je dan niet bij je opdrachtgever leggen. Wat een belachelijk betuttel land zijn we toch!!!, of gaat het over geld?, loopt de staat veel inkomsten mis?
Han 10-6-2016 16:10
@René, ik spreek niet tegen dat er misbruik van de VAR is gemaakt. Maar de vraag is wel in welke mate. Volgens Actal ZOU in 2% tot 14% van de gevallen sprake KUNNEN ZIJN van schijnzelfstandigheid. Misschien dus; het is niet zeker. Wat volgens Actal wél zeker is dat in 86% van de gevallen er in ieder geval géén sprake is van schijnzelfstandigheid. Dus zeg maar of schijnzelfstandigheid veel voorkomt. Ik ken mensen die dat wel vinden en ik ken mensen die dat niet vinden. Maar hoe het ook zij: de VAR is weg (terecht of onterecht) en we hebben te maken met een nieuwe situatie.
Rene Musters 10-6-2016 15:57

Wat ik vind is niet zo belangrijk. Wel heb ik een sterke indruk dat opdrachtgevers in het verleden misbruik hebben gemaakt van de VAR. Opdrachtnemers voelden zich gedwongen een VAR aan te vragen, met het argument van de opdrachtgever dat het toch niet verkeerd kon gaan. De opdrachtgever moest alleen letten op een juiste omschrijving van de activiteiten. 

Ik heb dan ook de indruk dat vee ZZP-ers geen ondernemers zijn, maar verkapte werknemers. En daar moeten de echte ZZP-ers en hun opdrachtgevers nu dus onder lijden. Maar zo gaat dat meestal in Nederland, de goeden moeten lijden onder de kwaden :-(

Han 10-6-2016 12:15
@ René, bedankt voor je reactie. Ga ik uit m’n dak? Dat valt toch wel mee? Er zijn genoeg argumenten te verzinnen om te stellen dat het (niet) goed is dat de VAR verdwijnt. Zie mijn gelijknamige blog van jl februari. Jij vindt het belangrijk dat opdrachtgevers weer verantwoordelijk worden gesteld: dat is een valide argument, zeker binnen een stelsel van verplichte werknemersverzekeringen, waarbij het niet zo mag zijn dat (echte) werknemers onverzekerd werkzaamheden verrichten. Maar anderzijds kan ik ook begrijpen dat mensen bang zijn dat het verdwijnen van de VAR ten koste zal gaan van werkgelegenheid voor zzp’ers, simpelweg omdat opdrachtgevers de risicomijdende weg van inhuur via een uitzendbureau zullen gaan bewandelen. Het ligt er dus maar aan wat je belangrijk vindt en dat zal niet voor iedereen hetzelfde zijn. Maar hoe het ook zij: de VAR is er niet meer en de situatie van voor de komst van de VAR herleeft. En wat dat inhoudt heb ik willen laten zien met de verwijzing naar de Handreiking en de toevoeging ‘Die VAR kwam er destijds niet voor niets!’. Overigens is het een hardnekkige misvatting dat als bij controle door de Belastingdienst zou blijken dat er sprake was van een echte of fictieve dienstbetrekking, er dan een naheffing van premies had (kunnen) volgen bij de VAR-houder (de opdrachtnemer). Ik begrijp niet waar die misvatting vandaan komt. De materiewetten ZW/WW/WAO kenden (tot 1 mei 2016) een hele duidelijke bepaling: als de werkgever geen inhoudingsplichtige voor de loonheffingen was vanwege het bezit van een VAR, dan gold er voor de werknemersverzekeringen dat er geen sprake was van een dienstbetrekking. Geen dienstbetrekking? Dan geen verzekerde, geen verschuldigdheid van premies en dus ook geen mogelijkheid (risico) van naheffing. Het enige risico dat de zzp’er met VAR liep als zijn arbeidsverhouding na controle door de belastingdienst werd aangemerkt als dienstbetrekking in fiscale zin, was het verlies van de ondernemersaftrek, vanwege te weinig gewerkte uren als ondernemer. That’s all!
Rene Musters 9-6-2016 19:38

Heerlijk om zo uit je dak te gaan! Maar DBA heeft ook positieve kanten. Er komt nu (eindelijk) een einde aan het afschuiven van verantwoordelijkheid van opdrachtgever naar opdrachtnemer. Het was in de praktijk immers niet zo moeilijk om een VAR te krijgen, gewoon een kwestie van de juiste hokjes aankruisen. En door gebrek aan controle capaciteit bij Belastingdienst ging dat (bijna) altijd goed. Door DBA komt de verantwoordelijkheid weer te liggen bij de opdrachtgever (waar deze volgens mij ook thuis hoort).

Overigens had ik altijd begrepen dat de Belastingdienst wel de mogelijkheid had om premies werknemersverzekeringen te heffen bij de VAR-houder, indien duidelijk was dat er wel sprake was van een dienstbetrekking. Maar door gebrek aan controle capaciteit is de Belastingdienst hier nooit aan toe gekomen.

Reageer

Ideale werving en selectie voor de salarisadministratie

 

Al 10 jaar lang dé partner binnen salarisadministratie

Met opleidingen helpen we salarisprocessen te verbeteren