Salarisprofs

Opschorting handhaving DBA lost probleem verzekeringsplicht niet op

Han Bakker 1-12-2016 10:08
Categorieën: Loon- en premieheffing

Het is dus uiteindelijk een volledige afgang geworden voor het kabinet: de afschaffing van de VAR. Een lang tegenstribbelende staatssecretaris Wiebes, die tegen beter weten in (hoop ik dan maar) zonder veel overtuiging maar bleef roepen dat het allemaal wel meeviel en dat we er alleen even aan moesten wennen, kon uiteindelijk ook niet meer ontkennen dat de wal het schip had gekeerd.

Wiebes komt vervolgens met een ‘geniale’ oplossing om de ontstane situatie het hoofd te bieden: de belastingdienst gaat gewoon een tijdje de wettelijke regels met betrekking tot de aan- of afwezigheid van een (fictieve) dienstbetrekking niet meer handhaven. Anders gezegd: Wiebes kan de ontstane situatie niet meer aan, staat volledig in zijn hemd (hij overigens niet alleen) en steekt zijn kop in het zand: ‘Als ik niet ga kijken, hoef ik ook niet te oordelen, hoef ik ook niet te handhaven en krijg ik ook niet op mijn donder’. Zoiets.

(Te) brede voet
En, laten we wel zijn, hij lijkt ermee weg te komen! Iedereen is opgelucht, want ‘we’ kunnen in elk geval voorlopig door op de oude voet. Feit is echter wel dat die oude voet volgens het kabinet veel te breed was, waardoor er veel schijnzelfstandigheid was, dat concurrentievervalsend werkte en maakte dat veel kleine zelfstandigen onverzekerd arbeid verrichtten zonder enige pensioenopbouw. Die te brede voet moest dus worden aangepakt via het afschaffen van de VAR en nu de VAR is afgeschaft, wat gaat Wiebes doen: hij maakt de voet breder dan ooit door niet te handhaven!

Overigens, of die voet werkelijk te breed was, daar kun je over van mening verschillen. Vooraf hadden de Raad van State en Actal al gesteld dat de omvang van de schijnzelfstandigheid erg beperkt was en dat afschaffing van de VAR een te overdreven maatregel zou zijn. Het kabinet ging daar niet in mee en schafte de VAR toch af, om een paar maanden later bij monde van premier Rutte te verklaren dat het weliswaar ging om een kleine groep schijnzelfstandigen, maar ‘dat die groep er wel was!’ Nou ja, denk ik dan, leuk ‘dat die groep er wel was’, maar de groep was dus inderdaad klein.

Oftewel: ondanks de VAR viel het leed van schijnzelfstandigheid kennelijk toch heel erg mee. Maar ja, als je dan vervolgens de handhaving van de wettelijke bepalingen van de dienstbetrekking en de fictieve dienstbetrekking een jaartje in de koelkast zet, waardoor iedereen ongestraft en ongeremd arbeidsverhoudingen kan aanmerken als niet-dienstbetrekking, tja, ben je dan slim bezig geweest? Het antwoord lijkt me duidelijk.

Schijnzelfstandigheid na de VAR
Er zullen zich de komende periode naar verwachting meer gevallen van schijnzelfstandigheid gaan voordoen. Maar dat is niet het enige probleem. Een heel ander probleem is dat de VAR er niet meer is om als uitzondering te kunnen functioneren op de hoofdregel, dat bij werken in een echte of fictieve dienstbetrekking een werknemer verplicht verzekerd is voor de werknemersverzekeringen en de werkgever verplicht is om daarvoor de bijbehorende premies te betalen.

Oftewel: we kunnen dus heel veel meer arbeidsverhoudingen verwachten, op grond waarvan sprake is van verzekerings- en premieplicht. Wiebes’ opschorting van handhaving verandert daar helemaal niets aan. Het betreft immers een verzekering van rechtswege: de verzekering vloeit voort uit de wet, waarbij het niet uitmaakt wat partijen willen en het ook niet uitmaakt of er premies zijn betaald. Zoals gezegd: het is een verzekering van rechtswege.

Gaat u maar rustig slapen?
Niettemin wordt door Wiebes ten onrechte de suggestie gewekt dat door de opschorting van de handhaving van de wet DBA - in elk geval voorlopig - de oude situatie weer is hersteld. Hetgeen dus niet het geval is.

De afschaffing van de VAR per 1 mei 2016 heeft ertoe geleid dat talloze zzp’rs hebben gewerkt en nog zullen gaan werken in verplicht verzekerde arbeidsverhoudingen, die aanspraak geven op werkloosheids- en arbeidsongeschiktheidsuitkeringen, maar waarvan deze werknemers geen weet hebben.

De vraag is hoe je hiermee om dient te gaan. Moeten alle zzp’ers er via een brief van de belastingdienst of het UWV attent op worden gemaakt dat ze mogelijk recht hebben op WW-uitkering als de opdracht bij een opdrachtgever niet wordt verlengd?

Hmm. Je kunt natuurlijk stellen dat dat onzin is. Immers, ze hebben er destijds met de VAR in de hand zelf om gevraagd: om een arbeidsverhouding zonder verzekering. Maar anderzijds: dat kan wel zo zijn, maar de wetgever denkt daar toch heel anders over. De wetgever heeft wettelijke regels gesteld, op grond waarvan deze als zzp’ers ‘vermomde’ werknemers verzekerd zijn. Of ze dat nu willen of niet. Of hun werkgevers dat nu willen of niet. Ze zijn verplicht verzekerd, wat iedereen daarvan ook moge vinden. En waar ligt dan de voorlichtingstaak van de overheid?

Een andere vraag is hoe de positie van de opdrachtgever wordt, als een (al dan niet vermeende) zzp’er zich inderdaad bij het UWV meldt voor een uitkering. In dat geval zal toch beoordeeld moeten worden of de persoon in dienstbetrekking heeft gewerkt. En daarbij wordt conform de jurisprudentie ook altijd gekeken naar de specifieke kenmerken van het individuele geval. Achteraf dus. Oftewel: er volgt een kijkje in de keuken bij de opdrachtgever.

Voor opdrachtgevers kan dat betekenen dat ze in soortgelijke gevallen naar de toekomst toe premieplichtig zullen zijn. Niet naar het verleden, op grond van de opgeschorte handhaving (opgewekt vertrouwen, tenzij ze kwaadwillende zijn!), maar naar ik aanneem wel naar de toekomst. Ook - naar ik aanneem - in de resterende handhavings-opschort-periode, die tot 1-1-2018 loopt en misschien nog wel langer.

Dus of ook voor opdrachtgevers alles bij het oude is gebleven? Ik heb mijn twijfels.

En nu?

Dat Wiebes de heffingsregels niet wil handhaven, uit schaamte of uit noodzaak is één ding, maar het mag m.i. niet zo zijn dat hij daarmee de toch al zielige, onderbetaalde, concurrentievervalsende zzp’er (dé redenen voor afschaffing van de VAR!), diens wettelijk gewaarborgde verzekering onthoudt.

Hetgeen leidt tot de volgende situatie: Wiebes kan geen premies innen op grond van opgewekt vertrouwen, maar het UWV moet in voorkomende gevallen wel uitbetalen. Gelukkig heeft dit kabinet een meevaller van ruim 4 miljard binnen. Komt dat even goed uit!

Of – en dat is natuurlijk goedkoper - Wiebes herintroduceert de VAR weer.

Geintje. Alhoewel ……

Han Bakker – MBZ Consultancy

blog_image:article_profsg_1480583790583fea6e9cad8.jpg:end_blog_image

Voor meer blogs van Han Bakker, klik hier
 

Reacties (2)

Martien Noppe (CijferManager) 23-12-2016 18:29
Bij die meevaller van 4 miljard zouden ze daar al rekening mee gehouden hebben met die 20 miljard die de BD nog moet krijgen en waarvan er men bij zeker van is dat 6 miljard niet binnen komt. We krijgen straks verkiezingen misschien dat daar een oplossing uit komt.
Rene Musters 7-12-2016 23:10
Herintroduceren van de VAR??? Dat lijkt mij geen goed idee. Vergelijk het met het afschaffen van het oranje stoplicht. Oranje betekent immers stoppen, tenzij dat gevaar oplevert. De VAR is vooraf een vrijbrief van de politie om extra gas te geven bij oranje. Het schept duidelijkheid, maar ook gevaar. Het zou beter zijn om het recht op uitkering te koppelen aan de premiebetaling cq aanmelding bij UWV. Een brandverzekering keert ook alleen maar uit als er een polis is. Als opdrachtnemer dus een uitkering wil dient hij te zorgen dat hij vooraf aangemeld is door zijn opdrachtgever.

Reageer

Ideale werving en selectie voor de salarisadministratie

 

Al 10 jaar lang dé partner binnen salarisadministratie

Met opleidingen helpen we salarisprocessen te verbeteren