Salarisprofs

Wie het (nog) begrijpt, mag het zeggen

Han Bakker 22-12-2017 14:02
Categorieën: Loon- en premieheffing
We zijn weer aangekomen bij het einde van het jaar en traditiegetrouw worden we weer overstelpt met allerlei lijstjes. De top 10 van dit en de top 100 van dat. Ik heb me daar een aantal jaren geleden ook aan bezondigd, toen ik – in navolging van Jan Mulder bij De Wereld Draait Door – ook met een Ergernissen top 5 kwam.

Een Ergernissen top 5. Het grootste probleem is te kiezen welke van de vele ergernissen die een mens in een jaar ervaart, in een top 5 thuishoren. Dat is lastig en ook subjectief. En daarbij: het is tijdens de feestdagen natuurlijk ook niet de gezelligste kost om te lezen. Dus wees gerust: ik kom niet met een Ergernissen top 5, maar wel met een andersoortige top-5.

De top 5 Zaken waar ik niets meer van begrijp, maar die ik graag uitgelegd krijg.

5. De Werkkostenregeling

De Werkkostenregeling. Wie begrijpt daar nog iets van? Kwam in de plaats van de Regeling voor vrije vergoedingen en verstrekkingen. Werd even later uitgebreid tot regeling voor ter beschikkingstellingen. En weer even later tot een regeling voor het onbelast kunnen betalen van gewoon arbeidsloon. Eerst alleen voor zover er nog vrije ruimte resteerde, maar even later werd die beperking opgeheven, zolang het maar gebruikelijk was. Gebruikelijk? Wanneer is dat het geval? Nou, vanaf 1 oktober 2014 sowieso tot € 2400 per persoon per jaar. Tenzij het onredelijk is. Wanneer is dát het geval? Waar staat dat in de wet? Wie komt daar nog uit? Wie wíl daar nog uitkomen?

De werkkostenregeling: kan iemand me uitleggen waarom dat (nog steeds) een duidelijker regeling is dan de regeling voor vrije vergoedingen en verstrekkingen?

4. De transitievergoeding

Een tijd heb ik gedacht dat de transitievergoeding bedoeld was als een geobjectiveerde schadevergoedingsregeling voor ontslagen werknemers, die als wettelijke regeling in de plaats kwam van de toch wat minder zekere en subjectievere regeling gebaseerd op de kantonrechtersformule. De regeling hield onder meer in dat het recht op transitievergoeding ook overeind bleef, als de ontslagen werknemer geen transitiekosten hoefde te maken.
Bijvoorbeeld omdat hij al direct een andere baan had gevonden. Of gewoon met pensioen ging. Oftewel: ook zonder transitiekosten kreeg de werknemer een volgens een vaste, objectieve formule berekend geldbedrag mee van zijn werkgever. Hoe terecht of onterecht dat in sommige gevallen ook mocht uitpakken.

Inmiddels zijn er talloze mitsen en maren aan de regeling toegevoegd. De hoogte van de vergoeding is (of kan zijn) inmiddels mede afhankelijk van de grootte van de werkgever, afhankelijk van wat er in de cao staat, afhankelijk of er nog tijdens het dienstverband cursussen zijn genoten door de ontslagen werknemer, afhankelijk van de start van de opbouw (pas na 2 jaar of direct al). Een nuancering hier, een aanpassing daar.

Kortom, ik ben de weg inmiddels kwijt. Wat is er nog over van het oorspronkelijke doel?

3. Het uniforme loonbegrip

Kan iemand uitleggen waarom het zo ontzettend belangrijk is dat we een uniform loonbegrip hebben? Waarom moet de heffing van een heffing naar draagkracht (loonheffing) enerzijds en de heffing naar verzekerd bedrag (premieheffing) anderzijds per se over dezelfde (al dan niet gemaximeerde) grondslag plaatsvinden? Het zijn toch verschillende regelingen met verschillende doelen? En waarom moet ook de inkomensafhankelijke bijdrage voor de Zorgverzekeringswet over diezelfde grondslag berekend worden? Omdat het ook een heffing naar draagkracht is misschien? Nou, prima dan, maar waarom wordt deze heffing dan wel gemaximeerd en de loonheffing niet?

De veelgehoorde dooddoener is dat het makkelijker rekenen is als voor al die heffingen dezelfde grondslag wordt gebruikt. Maar dat lijkt me onzin, zeker in het huidige computertijdperk. Dus waarom dan wel?

Ik kan alleen de kennelijk nog steeds beoogde komst van de loonsomheffing bedenken. Of is er nog een andere reden?

2. Versobering en aansluitende reparatie WW

De opbouw en maximale duur van de Werkloosheidswet is versoberd, waardoor er een WW-gat is ontstaan. De officiële reden hiervoor is dat de WW activerender moest worden, zodat werklozen een grotere prikkel zullen ervaren om weer snel een baan te vinden. Prima idee, als je dat gelooft. Maar wat blijft er van die prikkel over als het gat - met toestemming en onder aansporing van de minister van SZW! - onmiddellijk wordt gedicht door werkgevers en werknemers? Waarom kon de wettelijke WW dan niet gewoon op het oude niveau worden gehandhaafd?

Ik kan alleen bedenken dat het feitelijk een centenkwestie was, zodat werknemers weer moesten gaan meebetalen aan de WW. Maar dat kon alleen niet in de vorm van een wettelijke, van het loon aftrekbare WW-premie, omdat dat strijd zou opleveren met het uniforme loonbegrip. Zitten we daarom opgescheept met die belachelijke PAWW-regeling?

Wie het weet, mag het zeggen.

1. Het ZZP-probleem

Een feitelijk praktisch niet bestaand probleem is inmiddels verworden tot een gigantisch probleem, waarbij het eruit gaat zien dat de verzonnen oplossingen hetzij achterhaald zijn (zoals die van de commissie Boot om een lijst van indicatoren aan te leggen) hetzij nog voor veel meer problemen gaan zorgen. Zoals bijvoorbeeld een nieuwe invulling van de begrippen ‘vrije vervanging’ en ‘gezagsverhouding’, waardoor decennia aan nuttige jurisprudentie over deze begrippen de vuilnisbak in wordt gekieperd.

Het kabinet gaat op weg naar een materiële toets van arbeidsverhoudingen. Dat betekent dus een toets achteraf. Dat moet zekerheid vooraf bieden aan opdrachtgevers dat ze geen inhoudingsplichtige zijn voor die arbeidsverhouding. Zekerheid vooraf bij een toets achteraf?

Wie verzint dit? Maar vooral: wie begrijpt dit nog en kan de logica ervan uitleggen?

Toch een beetje ergernis

Ik geef het toe: deze top-5 ademt toch ook wel wat ergernis van mijn kant uit. Sorry daarvoor. Maar ik stoor me helaas nog steeds flink aan slecht be- en doordachte wet- en regelgeving.

Waar in wetgevend Nederland hebben begrippen als ‘verzekeringsgedachte’ en ‘equivalentiebeginsel’ nog betekenis? Waar in wetgevend Nederland is het doel van een wet of een regeling nog belangrijker dan (de eenvoud van) de uitvoering ervan? Waar in wetgevend Nederland wordt nog eerst goed nagedacht over inhoud en uitvoering van nieuwe wetten en bepalingen in plaats van dat die gewoon maar worden losgelaten op de samenleving, om vervolgens verbaasd te constateren dat het allemaal toch anders uitpakt, waarna er weer snel en vaak ondoordacht reparatiewetgeving volgt?

En net zo belangrijk: wie in Nederland maakt zich hier überhaupt nog druk om?

Nou ja, ik dan. Maar wie nog meer?

Ik wens u allen fijne feestdagen toe, een mooie jaarwisseling en een goed, gelukkig en vooral gezond 2018!

Han Bakker – MBZ Consultancy














Reageer

Ideale werving en selectie voor de salarisadministratie

 

Al 10 jaar lang dé partner binnen salarisadministratie

Met opleidingen helpen we salarisprocessen te verbeteren

Cookie-instellingen